1. Inleiding
Op 7 maart 2002 is de Wet dualisering gemeentebestuur in werking getreden. Één van de pijlers van de Wet dualisering gemeentebestuur is dat gemeentelijke bestuursbevoegdheden zoveel mogelijk bij het college worden geconcentreerd. Wel kan de raad kan het college ter verantwoording roepen over de wijze waarop het zijn bestuursbevoegdheden uitoefent. Ook is het college verplicht de raad actief informatie te verschaffen. De invloed van de raad op deze bevoegdheden verdwijnt dus niet maar zal op politiek niveau tot uiting moeten komen.
Deze handreiking heeft tot doel informatie te verschaffen over de dualisering van bestuursbevoegdheden. Met name gaat het daarbij om de vraag welke concrete taken in het nieuwe stelsel collegeaangelegenheden zijn en welke raadsaangelegenheden. Het gaat om wat kort gezegd ook wel de boedelscheiding van de gemeentelijke bestuurstaken wordt genoemd.
De handreiking biedt gemeenten een leidraad om de verschuiving van bestuursbevoegdheden zo goed mogelijk in de praktijk door te voeren. De handreiking geeft een overzicht van de wetgevende stappen waarin de dualisering van bestuursbevoegdheden haar beslag krijgt. Vervolgens komt aan de orde hoe gemeenten kunnen anticiperen op wetgeving die in voorbereiding is: hoe kunnen gemeenten op dit gebied al dualistisch werken? In hoeverre kunnen bestuursbevoegdheden daartoe worden overgedragen? Op verschillende plaatsen in de tekst zijn voorbeelden van concrete bevoegdheden in kaders opgenomen. Deze geven inzicht in de bevoegdheden, waar het in de praktijk om gaat. Het slot van deze handreiking bevat een tweetal praktische onderdelen:
- Twee voorbeelden van raadsagenda's. Een 'oude' agenda en een 'nieuwe', gedualiseerde agenda.
- Een lijst van de belangrijkste bestuursbevoegdheden die volgens het concept-wetsvoorstel dualisering gemeentelijke medebewindsbevoegdheden worden overgedragen aan het college.







